Eat it to save it!

De Blaarkop: levend erfgoed van het Groene Hart

De Blaarkop – ook wel de ‘koe in jacquet‘ – is een zwarte of rode koe met witte kop en karakteristieke ‘blaren’ rond de ogen. De ‘blare coe’ wordt al beschreven in 13e eeuwse teksten.

Van oudsher staat de Blaarkop bekend als de koe met de beste melk om kaas en boter van te maken. En slagers en chefkoks roemen het fraai gemarmerde Blaarkopvlees. Het zijn niet alleen bijzonder lekkere producten, ze zijn ook nog eens zeer exclusief.

Eeuwenlang stonden Blaarkoppen massaal in de polders rond Leiden, als leveranciers voor de Leidse kaas. Nu zijn er nog slechts enkele duizenden in Nederland.

Samen kunnen we ervoor zorgen dat dit oeroude Hollandse ras blijft bestaan. Door die prachtige ambachtelijke producten te kopen en er van te genieten.

Het motto is simpel: eat it to save it!

Wie denkt er bij de Leidse geschiedenis aan een koe? Toch had de blaarkop een belangrijk aandeel in de bloeitijd van Leiden in de 17e eeuw. De VOC nam de Leidse blaarkopzuivel de hele wereld over, met de karnemelk werd Leids laken gebleekt en de mest maakte de geestgronden in Bollenstreek en Westland vruchtbaar.

Een kleine groep boeren in het Groene Hart zet zich in voor het behoud van de blaarkop. Ze timmeren aan de weg met prijswinnende streekproducten, korte ketens en rechtstreeks contact met de consument. We geven een overzicht: ambachtelijke boter, kaas, melk, yoghurt en andere zuivel. En natuurlijk vlees.

Zij kiezen bewust voor de Blaarkop!

Blaarkophouders in het Groene Hart

Waarom de Blaarkop thuishoort in het Groene Hart

Ambassadeurs van de Blaarkop

“Alleen al vanuit historisch oogpunt is de Blaarkop zó belangrijk, dat ik er groot voorstander van ben als ze weer meer gehouden zou worden. Voor de producten is er een mooie rol voor de lokale horeca weggelegd: niets is immers lekkerder, gezonder en duurzamer dan een puik product van eigen bodem. Ik zie de Blaarkop dus graag terugkomen op de plek waar zij thuishoort, hier om ons heen, in de weilanden van onze mooie regio.”
“Een blaarkop staat erom bekend dat hij melk geeft met een heel hoog eiwit- en heel hoog vetgehalte en daarvan krijg je heel lekkere producten. Krijg je de beste boter, krijg je de lekkerste kazen. En die hebben we ook in Nederland omdat we die goede koeien hebben, maar we hebben er wel steeds minder van. Ze zijn misschien minder efficiënt dan die melkfabrieken, maar als kok kijk ik daar helemaal niet naar. Ik wil gewoon het lekkerste.”
“Erfgoed is méér dan monumenten, daarover zijn we het roerend eens in Teylingen. We koesteren ook ons immaterieel erfgoed, zoals de zeldzame koeienrassen die onze weilanden begrazen. De historische waarde is groot. Al eeuwenlang voorzien deze rassen regionale bedrijven van melk voor kaas en boter. We maken ons zorgen over de dreigende verdwijning van deze zeldzame koeiensoorten uit het landschap."

Nederlandse historische rassen hebben een bedreigde status

Begin 20e eeuw was de Blaarkop dé koe van het Groene Hart.
Nu staan er nog enkele honderden dieren in de veenweiden.

0

melkgevende zuivere Blaarkoppen
in het Groene Hart *

0

raszuivere Blaarkoppen (melkvee + vleesvee)
in Nederland **

0

Holstein-koeien
in Nederland **


* schatting (Nieuwe verdienmodellen voor het Groene Hart – De Blaarkop, januari 2020)
** Rassenlijst Nederlandse landbouwhuisdierrassen (Wageningen UR, Centrum voor Genetische Bronnen, 25 september 2019)

Schuiven naar boven